De valkuil van LVB jongeren


Zeventien jaar geleden verhuisde Marlène Smit met haar man en drie kinderen van Brabant naar het noorden. Hun oudste dochter Hilke had altijd al meer aandacht nodig dan de andere twee en dat kwam nu – zonder vrienden en familie in de buurt - op het gezin neer. Marlène: ‘Een buurvrouw werkte in de jeugdzorg en maakte me erop attent dat er best hulp te krijgen was, zoals weekendopvang. Voor Hilke is het goed geweest om die extra aandacht en begeleiding te krijgen denk ik. Voor het hele gezin eigenlijk wel, alleen heb ik het als moeder soms ervaren als falen.’
 
Binnen het gezin Smit is het contact altijd open geweest en werd er gewoon met elkaar over gepraat dat Hilke bij Ambiq terecht kon. Marlène: ‘Onze andere kinderen hadden feestjes en logeerpartijtjes en dat kon Hilke via de weekend- en vakantieopvang ook allemaal meemaken. Het gaf haar een goed gevoel en dat ligt denk ik ook aan hoe we de klemtoon hebben gelegd; ze moest niet weg, ze mocht er naartoe. Ze deden leuke dingen in de weekenden en vakanties en later kwam de naschoolse opvang erbij. Daarvan heb ik wel eens het idee gehad dat ze zich weggestuurd voelde, maar nu vul ik het voor haar in. Als moeder had ik het gevoel dat mij iets werd afgenomen, ook al wist ik dat ik het beste voor mijn kind deed. Maar dan zaten we ’s avonds aan de eettafel en was Hilke’s stoel leeg. Dat vonden we allemaal niet leuk, we waren blij als ze na het eten thuiskwam.’
 

Het was een samenwerking

De ondersteuning vanuit Ambiq was vooral bedoeld voor Hilke, maar ook Marlène en haar man konden af en toe hun verhaal kwijt. Dan kwam de hulpverlener bij hen thuis en vroeg: hoe is het met jou? Marlène: ‘Ik heb het contact met Ambiq altijd als een samenwerking ervaren. Zij gingen ervan uit dat wij ons kind het beste kenden en namen regels en afspraken van ons over. Wij stonden ook open voor hun ideeën en gingen altijd even praten als we Hilke ophaalden. We konden ook altijd bellen om iets te bespreken. Zo kregen we steeds beter contact met de begeleiding en leerden we elkaar kennen. Dat vond ik heel prettig.’
 

Loslaten en eigen fouten maken

Zowel de weekend- en vakantieopvang als de naschoolse opvang gaven Hilke en haar ouders handvatten om beter (positiever) met elkaar om te gaan. Om de begeleiding mogelijk te maken, was er ook een diagnose nodig met een bijbehorende indicatie. Marlène: ‘De diagnose gaf ons geen rust, maar bevestigde wel dat de dingen die je hebt gezien bij je kind inderdaad zo zijn. Dat het belangrijk was om ons gedrag af te stemmen op haar karakter. Zo raakten we in de loop der jaren steeds beter op elkaar ingespeeld. Maar diagnose of niet: voor ons is ze gewoon Hilke met alles wat haar zo mooi maakt. Het deed ook pijn om haar los te moeten laten toen ze naar kamertraining ging en te zien dat ze de fout inging. Dingen waar we al jaren aan werkten gingen ineens verkeerd en wij moesten dat toestaan, zodat ze haar eigen fouten kon maken. Daar komt het namelijk altijd weer op neer; goede begeleiding of niet, ondersteunende ouders of niet, ze moet het zelf doen.’
 

Nooit geschaamd

Hilke is inmiddels 23 jaar, woont zelfstandig en heeft een leuke baan. Ze is blij met haar leven, zo vertelt ze in dit gesprek. Marlène: ‘Het heeft ons veel gebracht, ook als gezin. Onze kinderen groeiden samen op en als Hilke uit logeren ging was er meer tijd voor Sjoerd en Renske. Volgens mij is dat de grote winst van hulp zoeken: dat je het met elkaar beter krijgt. LVB jongeren ontwikkelen zich wat langzamer en ik heb het idee dat Hilke nog lang niet is uitgeleerd. Voor mezelf heeft het wel eens als falen gevoeld dat ik het als moeder niet alleen af kon, maar ik heb me geen seconde geschaamd om hulp te vragen. Het is juist heel sterk als je dat durft te doen!’
 

LVB jongeren hebben een stem

In de jaren tussen Marlène’s eerste contact met Ambiq (dat toen nog Dreei heette) is er in de jeugdzorg veel veranderd. Marlène: ‘Wij hebben een belangrijke omslag meegemaakt; waar de leiding eerst aan ons vroeg hoe het met Hilke ging, zijn ze dat op een gegeven moment aan Hilke zelf gaan vragen. Dat vond ik een hele mooie ontwikkeling. Als ze een doel behaalde, zoals haar kamer opruimen, dan kreeg zij een compliment en we zagen haar daarvan groeien. Het inzicht in wat een LVB is en hoe mensen met een LVB zo zelfstandig mogelijk kunnen leven, wordt steeds groter. Ik vind het weleens jammer dat de groep ‘LVB-ers’ negatief in de media komt en dan wordt weggezet als vervelend of gevaarlijk. Dat zijn de uitwassen, daarom staan ze in de krant. Jonge mensen zoals mijn dochter zijn heel goed in staat tot een mooi leven. Hilke maakt alle ontwikkelingen door van een jongvolwassene die haar eigen leven vormgeeft en meer kunnen we niet vragen.’

Lees hier meer verhalen van cliënten en ouders
 
 
  • Wonen en dagbesteding in Drenthe: hoe werkt het?

  • Filemon Wesselink spreker op Interaqtie 2019